Praten en uitleggen

Niet alleen is het belangrijk regelmatig met kinderen te praten, maar ook moet rekening worden gehouden met hun taal- en begripsniveau. Kinderen tussen de vier en twaalf jaar ontwikkelen zich op verschillende manieren en elk kind ontwikkelt zich in zijn of haar eigen tempo. Daarom is het nodig je taalgebruik aan te passen aan de mogelijkheden van het kind, zowel in vorm als in de inhoud. Ook is het belangrijk dat je je eigen tempo aanpast aan dat van het kind. Als je rustig en duidelijk spreekt, zal het kind je beter kunnen volgen.

Het is goed om niet alleen tegen een kind te praten, maar ook met een kind, over wat hen bezighoudt en interesseert. Ook hier is er een groot verschil tussen kinderen in de leeftijd van 4 en 12 jaar. Door veel met kinderen te praten en hen uitleg te geven, leer je hen de wereld om hen heen te begrijpen. Je helpt hen om hun gedrag aan te passen aan hun omgeving. Door te praten en uit te leggen, stimuleer je niet alleen de taalontwikkeling, maar ook de cognitieve en sociale ontwikkeling.

Praten en uitleggen stimuleren

  • Geef informatie en uitleg die is aangepast aan de situatie, de interesses en het ontwikkelingsniveau van het kind.
  • Praat met de kinderen in plaats van tegen hen.
  • Geef kinderen de ruimte om hun eigen bijdrage aan de gesprekken te leveren.
  • Neem de opmerkingen van kinderen in gesprekken serieus en reageer daar op de juiste manier op.